Topsportactieplan IV: Evaluatie voorbije 4 jaar topsportbeleid en voorstelling nieuw topsportactieplan

Door Philippe Muyters op 27 oktober 2016, over deze onderwerpen: Sport

Gouden, zilveren en bronzen medailles, straffe top acht-plaatsen, net-niet medailles en uitzonderlijke prestaties van jonge talenten. De Olympiade 2013-2016 was genieten van prachtige sportmomenten in disciplines met enorme uitstraling. Vandaag gaf minister van Sport Philippe Muyters in de Commissie Sport een terugblik op de voorbije vier jaar topsportbeleid. Die leert ons waar Vlaanderen met het topsportbeleid sterker in geworden is en waar bijsturing mogelijk is. De minister gaf dan ook al de krachtlijnen mee van het nieuwe Topsportactieplan IV dat de Olympiade 2017-2020 voorbereidt.

Op de Olympische Spelen in Rio leverden de Vlaamse atleten een fenomenale prestatie met  goud, 2 x zilver, 2 x brons en maar liefst 12 andere top 8-plaatsen! We evenaren hiermee de medailleoogst van Atlanta en behalen een historische totaalbalans. Voor het eerst gebeurde dat bovendien in zoveel verschillende grote disciplines met enorme uitstraling. Ook op de Paralympische Spelen scoorden we beter dan ooit tevoren. Kijken we naar het resultaat van de hele Olympiade, dan zien we dat de Vlaamse Topsportindex – die rekening houdt met medailles en top acht-plaatsen op olympische spelen, wereldkampioenschappen en Europese kampioenschappen – spectaculair gestegen is.

Vlaams minister van Sport Philippe Muyters: “Het resultaat van de Olympiade 2013-2016 is historisch te noemen. Onze Vlaamse atleten deden overal mee en slaagden erin hun talent en ambitie om te zetten in schitterende resultaten in disciplines met enorme uitstraling. We mogen met trots nagenieten.

De atleten staan dan alweer aan een nieuw begin, de Olympiade 2017-2020. De taak van de overheid? Zorgen voor de juiste omgevingsfactoren, zodat zij hun talent optimaal kunnen benutten. In een topsportklimaat met sterke begeleiding, goede coaches, wetenschappelijke ondersteuning en topinfrastructuur. Efficiënt en met focus. Rio heeft getoond dat die aanpak werkt, in Tokio kunnen en moeten we nog beter doen. 

Het doel? Het behalen van medailles en top acht-plaatsen op de Olympische Spelen, wereldkampioenschappen en Europese kampioenschappen en medailles op de Paralympische Spelen en wereldkampioenschappen. Om dat doel te bereiken, werd samen met een groep van experten uit de sportwereld het nieuwe Topsportactieplan IV voor Vlaanderen uitgewerkt.

Focus op sporters

In Topsportactieplan III zijn we op zoek gegaan naar een manier om de Vlaamse middelen voor topsportbeleid zo efficiënt mogelijk in te zetten. De focus lag bij 10 sporttakken, met daarnaast de mogelijkheid te investeren in windows of opportunity. Uit de evaluatie blijkt dat die aanpak gewerkt heeft. De medailles in Rio behaalden we stuk voor stuk in focussporten (wielrennen, zwemmen, judo, hockey) en dat geldt ook voor het gros van de top acht-plaatsen (wielrennen, zwemmen, atletiek, gymnastiek, zeilen).
Met het Topsportactieplan IV gaan we verder op dezelfde weg en blijven we federaties structureel ondersteunen om in te zetten op talentdetectie en talentontwikkeling via zogenaamde ontwikkelingsprogramma’s. Nieuw is dat we de focus daarnaast nog verder verdiepen: voor sporters die al een zeker niveau bereikt hebben en een realistische kans maken op medailles of top acht-plaatsen, spelen we voortaan nog korter op de bal met prestatieprogramma’s voor specifieke sportprojecten.

Minister van Sport Philippe Muyters: “We hebben met het vorige topsportactieplan geleerd dat het rendeert de Vlaamse middelen met focus in te zetten en die aanpak trekken we door naar het topsportbeleid voor de komende vier jaar. Nieuw is dat we nu op korte termijn niet langer focussen op de sport, maar op de sporter zelf.”

Centralisatie

Ook het centraliseren van het beleid en de werking rond topsport heeft zijn vruchten afgeworpen. Het spreekt dan ook voor zich dat deze sterktes behouden blijven en verder uitgebouwd worden. Zo blijven we inzetten op het 1 campusmodel voor de sporten. In de driehoek Leuven-Gent-Antwerpen vind je een sport telkens op 1 campus terug, waar de topsportschool, wetenschappelijke ondersteuning en topinfrastructuur samen aanwezig zijn. In Antwerpen werd bijvoorbeeld alle expertise in het zwemmen samengebracht, gepaard gaande met hoogtechnologische investeringen in het nieuwe Wezenbergzwembad. Ook over de komende vier jaar is er budget vrijgemaakt voor investeringen in toptrainingsinfrastructuur voor onze atleten. Volgens de principes van het 1 campusmodel zal opnieuw 10 miljoen euro ingezet worden.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
1
De gemiddelde score is